Kennisbank
Woning inmeten voor een plattegrond: 10 tips van inmeters
Een plattegrond is zo goed als de maten eronder. Wie slordig meet, tekent twee keer: één keer thuis en één keer opnieuw na de bezichtiging waar de koper met een rolmaat stond. De tips hieronder komen uit de praktijk van inmeten voor makelaars; de maker van Dinoplan meet zelf woningen in via SAM2580. Ze gelden voor iedereen die zelf opmeet, of je nu fotograaf, makelaar, energielabel-adviseur of woningbezitter bent. Het tekenen zelf staat in Plattegrond maken in 7 stappen.
Tip 1. Loop eerst de hele woning door
Begin niet meteen met meten. Loop alle verdiepingen door, kijk waar de trap zit, waar is aangebouwd en welke ruimtes vreemd van vorm zijn. Je weet dan wat je te wachten staat en je kiest een logische volgorde. Dit kost vijf minuten en voorkomt dat je een ruimte vergeet of halverwege je schets opnieuw moet beginnen.
Tip 2. Gebruik een laserafstandsmeter, en een meetlint voor de kleine dingen
Een laserafstandsmeter meet een ruimte van 8 meter in één druk op de knop, nauwkeurig tot op de millimeter, en je hebt geen tweede persoon nodig. Een meetlint gebruik je voor muurdiktes, raambreedtes en plekken waar de laser geen vlak doel vindt, zoals een open keuken. Zet de laser altijd tegen de muur, niet ertegenaan geleund, en meet op dezelfde hoogte, ongeveer een meter boven de vloer, boven plinten en radiatoren.
Tip 3. Meet binnenmaten, langs de muur
Voor een plattegrond en voor de gebruiksoppervlakte meet je de binnenmaten van de ruimtes, op vloerniveau, langs de muur. De meetinstructie meet binnen de buitenmuren en de muren met de buren; binnenwanden tellen mee. Meet dus niet schuin door de kamer en niet van kozijn tot kozijn. Radiatoren, leidingen en vensterbanken negeer je. Hoe de regels precies werken, lees je in NEN 2580 meetinstructie: de 12 regels.
Tip 4. Meet ook de muurdiktes
Een plattegrond bestaat uit ruimtes én muren. Meet de dikte van buitenmuren, binnenmuren en de muur met de buren bij een deuropening of een raam. Een gewone binnenwand is vaak rond de 10 cm, een buitenmuur van een rijtjeshuis vaak rond de 30 cm, maar meet het; aannames zijn de bron van de meeste tekeningen die niet sluiten.
Tip 5. Neem per bouwlaag een controlemaat
Meet per verdieping de totale binnenbreedte en -diepte van de bouwlaag, bijvoorbeeld van voorgevel tot achtergevel door de gang. De som van de ruimtes plus de muurdiktes moet daarop uitkomen. Klopt het niet binnen een paar centimeter, dan heb je ergens een maat of een muur gemist. Doe die controle in de woning, niet thuis.
Tip 6. Schets eerst, meet daarna, in een vaste volgorde
Teken per verdieping eerst een ruwe schets van de indeling, zonder maten. Loop daarna alle ruimtes af in een vaste richting, bijvoorbeeld met de klok mee vanaf de voordeur, en schrijf de maten bij de schets. Een vaste volgorde voorkomt dat je een kast of de meterkast overslaat. Werk je met een laptop, dan kun je in Dinoplan ook direct tekenen: je typt de maat in en ziet meteen of de ruimtes sluiten.
Tip 7. Deuren, ramen en de trap: plek én breedte
Noteer van elke deur en elk raam de breedte en de afstand tot de dichtstbijzijnde hoek. Bij deuren ook de draairichting. Voor het energielabel noteer je daarnaast de hoogte van ramen en deuren. Meet de trap: breedte, lengte van het trapgat en de looprichting. Het trapgat teken je op de verdieping erboven; is het 4,0 m² of groter, dan trek je het af van de gebruiksoppervlakte.
Tip 8. Op zolder: waar is het dak 1,5 m en 2,0 m hoog?
Onder een schuin dak telt de vloer lager dan 1,5 m niet mee, en bepaalt het hoogste punt of de ruimte wonen of overige inpandige ruimte is. Meet daarom de nokhoogte en de afstand van de zijmuur tot de plek waar het dak 1,5 m en 2,0 m hoog is. Een laserafstandsmeter rechtop op de vloer is daar handig voor: schuif hem tot hij 1,50 m aangeeft en meet de afstand tot de muur. Noteer ook of er een vaste trap is en hoe groot het dakraam is; dat bepaalt of een zolder meetelt als wonen.
Tip 9. Maak foto’s van alles wat je hebt gemeten
Fotografeer elke ruimte vanuit de deuropening, de gevels, de meterkast, de ketel en alles wat afwijkt. Thuis beantwoorden de foto’s de vragen die je schets niet beantwoordt: zat dat raam links of rechts van de deur, was die nis een kast? Voor een energielabel-opname zijn foto’s bovendien bewijs. Lees Checklist voor de energielabel-opname.
Tip 10. Controleer voor je vertrekt
Loop je schets per verdieping na voordat je de deur dichttrekt: heeft elke ruimte een lengte en breedte, elke muur een dikte, elke deur en elk raam een breedte, en klopt de controlemaat? Terugrijden voor één vergeten maat kost meer dan vijf minuten controleren. Teken je ter plaatse in Dinoplan, dan zie je direct of de ruimtes sluiten en of de oppervlakte per bouwlaag klopt met je controlemaat.
De maten op een rij
| Wat | Waarmee | Waarom |
|---|---|---|
| Lengte en breedte per ruimte, binnenwerks | Laserafstandsmeter | Oppervlakte per ruimte |
| Muurdiktes bij deuropeningen | Meetlint | Tekening sluitend maken |
| Binnenbreedte en -diepte per bouwlaag | Laserafstandsmeter | Controlemaat en gebruiksoppervlakte |
| Deuren en ramen: breedte, plek, draairichting | Meetlint | Plattegrond en glasoppervlakte |
| Trap en trapgat | Meetlint | Aansluiting verdiepingen; aftrek vanaf 4,0 m² |
| Nokhoogte en 1,5 m- en 2,0 m-punten | Laserafstandsmeter rechtop | Zolder volgens de meetinstructie |
| Verdiepingshoogte | Laserafstandsmeter omhoog | 3D, energielabel, inhoud |
| Foto’s per ruimte | Telefoon | Vragen achteraf en bewijs |
Hoe Dinoplan hierbij helpt
Dinoplan is gemaakt om de maten die je ter plaatse neemt direct om te zetten in een tekening. Je typt een lengte in of zet een ruimte in één keer neer met de binnenmaten (bijvoorbeeld 300×400), muren sluiten vanzelf op elkaar aan, en de binnenwerkse oppervlakte per ruimte en per bouwlaag verschijnt zodra de muren sluiten. Zo vergelijk je ter plaatse met je controlemaat. Op zolders teken je het dak en zie je de 1,5 m- en 2,0 m-lijnen; trapgaten geef je apart aan. Eerlijke beperkingen: Dinoplan werkt alleen op een computer, dus in de woning heb je een laptop nodig of je schetst op papier en werkt thuis uit, en een officieel NEN 2580-meetrapport maakt Dinoplan niet. Wil je de woning laten inmeten met meetrapport, dan kan dat bij SAM2580. Bekijk de pagina voor inmeters, de functies en de prijzen.
Veelgestelde vragen
Meet ik binnenmaten of buitenmaten?
Binnenmaten, op vloerniveau, langs de muur. Daarmee reken je de oppervlakte uit. De muurdiktes meet je apart, zodat de tekening als geheel klopt.
Hoe lang duurt het inmeten van een woning?
Een gemiddelde eengezinswoning kost ongeveer een half uur, inclusief schets en foto’s. Grote of onregelmatige woningen en woningen met veel bijgebouwen duren langer.
Heb ik een laserafstandsmeter nodig?
Niet per se, maar hij is sneller en nauwkeuriger dan een meetlint, en je hebt geen tweede persoon nodig. Een eenvoudig model is al voldoende voor woningen.
Hoe meet ik een ruimte met een vreemde vorm?
Verdeel de ruimte in rechthoeken en driehoeken, meet die apart en teken ze samen. Meet bij een schuine wand de afstand tot beide hoeken, zodat de hoek vastligt.
Moet ik volgens de meetinstructie meten?
Voor een plattegrond bij de verkoop wel: de NVM schrijft de branchebrede meetinstructie voor en kopers vergelijken de tekening met de woonoppervlakte in de advertentie. Voor eigen gebruik mag je meten zoals je wilt, maar de binnenmaten zijn ook dan het handigst.
Kan ik met mijn telefoon inmeten?
Er zijn apps die met de camera en sensoren van je telefoon meten, zoals Magicplan. Controleer de nauwkeurigheid altijd met een laserafstandsmeter op een paar maten. Dinoplan zelf werkt op een computer en heeft geen meetfunctie met de telefoon.